Dutch Meaning of single-handed
eenhandig
Other Dutch words related to eenhandig
Nearest Words of single-handed
- single-foot => Eenvoetig
- single-entry bookkeeping => Enkelvoudige boekhouding
- singled => single
- single-channel => Enkelvoudig kanaal
- single-celled => Eencellig
- single-breasted suit => Enkelrijig kostuum
- single-breasted jacket => Enkelrijgs colbert
- single-breasted => enkelrijig
- single-bedded => Eenpersoonsbed
- single-barrelled => enkelloops
- single-handedly => met één hand
- single-hearted => eenvoudig
- single-humped => Eenbultig
- single-lane => Enkel rijstrook
- single-leaf => Enkelvoudig blad
- single-leaf pine => Grove den
- single-leaf pinyon => eenbladige den
- single-member system => Districtenstelsel
- single-minded => vastberaden
- single-mindedly => eenkennig
Definitions and Meaning of single-handed in English
single-handed (s)
unsupported by other people
without help from others
single-handed (r)
without assistance
single-handed (a.)
Having but one hand, or one workman; also, alone; unassisted.
FAQs About the word single-handed
eenhandig
unsupported by other people, without help from others, without assistanceHaving but one hand, or one workman; also, alone; unassisted.
alleen,onafhankelijk,afzonderlijk,met één hand,op eigen kracht,individueel,op eigen houtje,op eigen initiatief,één voor één,enkel
collectief,gezamenlijk,coöperatief,hand in hand,,wederzijds,samen,Hand in hand,hand in hand,massaal
single-foot => Eenvoetig, single-entry bookkeeping => Enkelvoudige boekhouding, singled => single, single-channel => Enkelvoudig kanaal, single-celled => Eencellig,